Co-creatie: Publiek betrekken doe je zo
Vorige maand presenteerde Koers Kunst de eindconclusies over vernieuwing van de cultuursector. Culturele instellingen moeten immers een antwoord verzinnen op ontwikkelingen als de terugtredende overheid, bezuinigingen, digitalisering en commerciële vrijetijdsaanbieders. En op de vraag hoe je het draagvlak voor cultuur onder het publiek kunt verbreden.
Vorige maand presenteerde Koers Kunst de eindconclusies
Van april tot juli konden deskundigen en cultuurliefhebbers hun ideeën opperen. Belangrijkste conclusie is dat culturele instellingen van de toekomst – meer dan nu het geval is – cultuurmakers met het publiek moeten zien te verbinden. Koers Kunst schetst drie routes om te komen tot een 21e eeuwse cultuurinstelling.
Cultuurinstellingen moeten bezoekers niet alleen laten consumeren maar hen juist aanzetten tot nadenken, interpreteren en begrijpen, want dat is bepalend voor de kwaliteit van de cultuurervaring, aldus filosoof Thijs Lijster. Zorg dus voor begrijpelijke en aantrekkelijke teksten, aansprekende filmpjes, en recensies op toegangskaartjes, smartphones of groot op de muur.
Cultuurinstellingen moeten een relatie opbouwen met hun publiek. Zij moeten hen niet eenzijdig bestoken, maar hen juist bij hun producten betrekken. Publiek, amateurkunstenaars en partners zouden de kans moeten krijgen om te reageren en mee te doen (co-creatie).
Tenslotte zouden cultuurinstellingen hun aanbod niet moeten wegstoppen in gebouwen, aldus architect Francine Houben, maar meer buitenshuis zichtbaar moeten maken: zoek het publiek op met voorproefjes, materialen en verhalen.
Opmerkelijk is dan dat op website en in eindpublicatie nergens expliciet het woord cultuureducatie genoemd wordt, terwijl de Koers-Kunst-conclusies genoeg aanleiding geven om dat wel te doen.
Zeg nu zelf: hoe kun je publiek nu beter verbinden met cultuur, cultuurmakers en cultuuruitingen, hoe kun je hen beter laten nadenken, interpreteren en begrijpen dan door educatie? En dan niet incidenteel, maar juist structureel. Je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen. Op school zit immers het publiek van de toekomst. Culturele instellingen kunnen een culturele relatie voor het leven opbouwen met kinderen en jongeren. Op die manier raken zij vertrouwd met kunst en cultuur, met kunstenaars en instellingen, en met leeropbrengsten als verwonderen, ervaren, interpreteren en meedoen.
Niet voor niets moeten culturele instellingen in de landelijke basisinfrastructuur hun visie op en uitwerking van cultuureducatie geven in hun aanvraag voor de komende cultuurplanperiode. Voor de meeste mensen geldt uiteindelijk dat als je zelf kunst beoefent, je vaker naar voorstellingen, tentoonstellingen en concerten gaat dan wanneer dat je dat niet doet.
Zie voor discussie over het effectief betrekken van publiek ook het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.
Door Piet Hagenaars (directeur Cultuurnetwerk Nederland).
